Tag archief Sengerema District Hospital

doorLSH

Blog: Sandra & Sebas in Sengerema Hospital, Tanzania (#5)

Na een maand op de NICU wisselde ik door naar de Labour Ward. Op de Labour Ward is het een drukke bedoening. Er bevallen gemiddeld 30 vrouwen per dag in het Sengerema Hospital. Zij komen van heinde en verre om te bevallen in het ziekenhuis. Vrouwen nemen zelf een soort zeil, een teil en kitenge (gekleurde doeken) mee. Hiermee wordt onder andere het bed waarop de vrouw gaat bevallen bedekt, wordt de baby na de geboorte afgedroogd en ingepakt en wordt het bed na de bevalling schoongemaakt. Vaak hebben vrouwen al een groot aantal kinderen en komen vrouwen pas laat naar het ziekenhuis als de bevalling is begonnen. Het komt dan ook regelmatig voor dat een vrouw net wel of net niet op het bed ligt als de baby wordt geboren. Als gevolg hiervan worden sommige baby’s op de grond geboren en een enkele keer zelfs als de moeder nog staat. Vrouwen die té ver van het ziekenhuis af wonen, kunnen voorafgaand aan de bevalling verblijven in mama Ngojea. De naam, afgeleid van het woord ‘wachten’ in Swahili, verklapt de functie van deze plek al: een wachthuis waar moeders rond de uitgerekende datum kunnen verblijven tot de bevalling begint. De zwangeren worden (vaak door andere zwangeren) vanuit mama Ngojea naar het ziekenhuis gebracht als de bevalling lijkt te beginnen, een mooi tafereel.

Na een kleine drie weken op de Labour Ward bracht ik weer eens een dagje door op de NICU, omdat de NICU-dokter er die dag niet kon zijn. Ik had bijna alle baby’s nagekeken toen Emma, een van mijn mede-co’s, de NICU op kwam rennen. Zij gebaarde dat ik snel mee moest komen. Onderweg naar het theatre, de OK op de Labour Ward, vertelde Emma mij dat er enkele minuten ervoor een vrouw een operatie onderging, omdat zij een scheur had in haar baarmoeder. De baby was los in de buik aangetroffen en verkeerde in zeer slechte conditie, de baby moest gereanimeerd worden. De Tanzaniaanse verpleegkundige Pilly, waarmee ik al veel had samengewerkt op de Labour Ward, was al bezig met de baby. Pilly had om mijn hulp gevraagd aan Emma. Samen gingen Pilly en ik verder met de opvang van de baby. Binnen enkele minuten verbeterde de conditie van de baby, waarna zij zelf ademde en zelfs huilde. We brachten de baby naar de NICU voor verdere zorg en ademhalingsondersteuning. Binnen enkele uren na de geboorte had de baby geen ademhalingsondersteuning meer nodig en kon zij naar haar moeder op de afdeling. Na een paar dagen kon baby Neema – toen ook haar moeder in goede conditie verkeerde – met ontslag naar huis.

Pilly en ik voelden ons steeds meer verbonden na deze situatie en zochten elkaar op als we hulp konden gebruiken op de Labour Ward. Het voelde fijn om met een Tanzaniaanse collega zo goed samen te kunnen werken. Dat is waar het in mijn ogen om gaat: een gelijkwaardige samenwerking en wederzijds vertrouwen. Het voelde als een mooi resultaat van de investering in het werken hier en de verdieping in de Helping Babies Breathe methode, waar ik de week ervoor nog een presentatie over gaf in het morning report.

Al maanden voordat ik in Tanzania kwam was ik begonnen met mijzelf ontwikkelen in de opvang van baby’s na de geboorte. Tijdens mijn semi-arts stage op de kinderafdeling in het OLVG West had ik dat namelijk als een van mijn leerdoelen gesteld. Ook ging ik voor vertrek naar Tanzania nog een dagje langs bij Milou op de NICU in het Radboud MC, waar wij de Helping Babies Breathe methode nog eens bespraken en oefenden.

Helping Babies Breathe is een basismethode voor reanimatie na de geboorte als de ademhaling van de baby niet goed spontaan op gang komt. Dit kan het geval zijn bij zuurstoftekort bij de geboorte, door bijvoorbeeld een placentaloslating, een infectie in de baarmoeder, prematuriteit, een knoop in de navelstreng of een scheur in de baarmoeder zoals in het geval van baby Neema. Essentieel is de Dakika ya Dhahabu (in Swahili ‘the Golden Minute’). Goed handelen in de eerste minuut na de geboorte is van levensbelang. Doordat het basisinterventies betreft kan deze methode goed uitgevoerd worden op plekken waar maar weinig beschikbare middelen zijn, zoals in veel situaties in Tanzania. De Helping Babies Breathe methode werd in 2009 door het Ministry of Health and Social Welfare in Tanzania geïmplementeerd. De implementatie heeft geleid tot een significante reductie van het aantal baby’s dat overlijdt binnen 24 uur na de geboorte en tot een vermindering van het aantal doodgeboren baby’s (en dan specifiek baby’s die overlijden tijdens of direct na de geboorte).

Het is in de afgelopen weken trouwens vaak voorgekomen dat er vrouwen waren met een uterusruptuur (een scheur in de baarmoeder). Eén van de verklaringen is dat vrouwen hier vaak local herbs gebruiken tijdens de zwangerschap en bevalling. Deze kruiden leiden tot zeer sterke contracties van de baarmoeder, waardoor deze kan scheuren (met name als de vrouw een keizersnede heeft gehad in het verleden). Deze potentieel levensbedreigende situatie voor zowel moeder als kind wordt veroorzaakt door local beliefs. Betere educatie en meer gezondheidsvoorlichting zou mogelijk kunnen leiden tot het verminderen of zelfs voorkomen van deze situaties. Baby Neema heeft het gelukkig gered en haar moeder ook, maar dit is helaas niet altijd het geval.

De oprichting van de NICU heeft ervoor gezorgd dat dit soort baby’s opgevangen kunnen worden. Daarnaast heeft training van personeel in de opvang van baby’s al voor veel successen gezorgd. Er is ruimte voor nog meer training en ervaring in Helping Babies Breathe in het Sengerema Hospital. De uitbreiding van de NICU kan hopelijk bijdragen aan nog betere zorg voor pasgeboren baby’s!

doorLSH

Blog: Sandra & Sebas in Sengerema Hospital, Tanzania (#4)

Cijfers, cijfers en nog eens cijfers. Het Sengerema Hospital is een groot ziekenhuis, waar jaarlijks ongeveer 70-duizend patiënten worden behandeld. Dit resulteert in enorm veel kosten, waaronder kosten die niet altijd verhaald kunnen worden op de patiënten. Dit is bijvoorbeeld zo bij acute zorg voor mensen die het niet kunnen betalen. Ik buig me de hele dag over deze financiële vraagstukken.

Uit mijn kantoor kan ik de patiënten zien die de ingang van het ziekenhuis doorgaan. Daarnaast krijg ik veel te horen over de patiënten die worden opgenomen. Deze week werden er bijzondere patiënten opgenomen. Een man die bij de rivier aan het vissen was, is aangevallen door een krokodil. De man liep daarbij ernstige verwondingen op aan zijn been (botbreuken en ernstig geïnfecteerde wonden). Een andere man was gebeten door een hippo! Misschien verwacht je dit als lezer wel; we zijn ten slotte in Afrika. Zelf hebben we in de tijd dat wij hier aan het werk zijn en de vele uitstapjes die wij hebben ondernomen, naast wat stokstaartjes en de bijzonder eng uitziende maribu stork, hier nog geen wild gezien.

Na mijn dag in het (heerlijk gekoelde) kantoor kijk ik vaak nog even op de NICU waar Sandra dan nog hard aan het werk is. Vandaag lagen er wel heel veel kleintjes, op elk bed waar ik keek lagen er minimaal twee. Toen Sandra mij zag werd ik meteen aan het werk gezet. Handschoen aan en D10% (suikerwater) op mijn pink. Ik mocht de baby’s wat suikerwater geven om zo als afleiding en pijnverzachting te fungeren terwijl Sandra een infuus ging plaatsen. Ik ging eerst maar eens even oefenen bij een kleintje die geen infuus nodig had. Ik ging met mijn pink langs het gezicht en binnen een seconde bewoog de baby met zijn mond naar mijn pink, pakte hem vast en begon te sabbelen. Hij leek erg voldaan. Sandra waarschuwde mij dat als ik zou stoppen de baby misschien zou gaan huilen, maar na een paar minuten kreeg ik mijn pink weer terug en toen kon ik echt aan het werk. Sandra legde het infuus klaar en ik had een nieuwe handschoen met suikerwater klaar. In een benarde positie legde ik mijn pink weer tegen de wang aan en net zo makkelijk zocht ook deze baby met haar mond weer mijn pink.

Terwijl Sandra het kleintje verder verzorgde liep ik nog een rondje op de afdeling. Ondertussen heb ik redelijk geleerd om de files (en zoals de Tanzanianen uitspreken failies) te lezen. Mijn aandacht werd getrokken door een geluid uit een hoek van de kamer. Eén kleintje was aan de CPAP (ademhalingsondersteuning) gelegd, hij had zichtbaar moeite met ademen. Het kindje had een schema voor D10% om de drie uur. D10% zorgt ervoor dat in afwezigheid van de moeder het kindje geen te lage bloedsuiker krijgt (waaraan het kindje kan overlijden) in de eerste uren na de geboorte. De laatste keer dat het kleintje D10% gehad had was al zes uur geleden. Ik keek naar de enige nurse op de afdeling. Die was druk met van de ene baby naar de andere baby en van de ene moeder naar de andere moeder te rennen. Er liggen in de kleine ruimte namelijk niet alleen veel baby’s, maar ook veel moeders. De moeders delen vaak met zijn tweeën een bed, waar ze samen met hun baby’s op liggen. Het is eigenlijk geen doen dat één nursie in deze drukte alle kleintjes moet verzorgen.

In al mijn voorbereidingen op het werk in Sengerema leerde ik dat in westerse landen de verpleegkosten de hoogste kosten van een NICU afdeling zijn. De norm is namelijk één verpleger op maximaal vier patiënten. In gevallen dat er noodzaak is voor zeer intensieve en complexe zorg, kan dit zelfs teruglopen tot 1 op 1 zorg. Hier in Sengerema werken verpleegkundigen vaak in hun eentje op een grote zaal met hoge aantallen patiënten. De werkdruk is hierdoor erg hoog. Ondanks dat de nursies zo hard werken als ze kunnen, ontvangen patiënten door het tekort aan personeel (onder andere door te lage lonen) niet altijd de zorg die ze verdienen.

Ik wilde er zeker van zijn dat de baby met ademhalingsproblemen wel de juiste zorg zou ontvangen voordat wij weggingen. Toen ik aan de nursie aangaf dat de baby verzorging nodig had, gaf zij de baby binnen enkele minuten zijn medicatie. Ik kon helpen door de baby wat D10% te geven. Het was inmiddels al laat, dus tijd om te gaan. Ik hoopte dat ik de baby later weer zou zien…

Vandaag was de laatste dag voor San op de NICU. De NICU die een speciaal plekje in ons hart heeft gekregen. Tijdens ons verblijf werd duidelijk dat ondanks dat de afdeling zeer succesvol is gebleken (sinds de oprichting is het sterftecijfer met 40% gedaald), de NICU zeer toe is aan de uitbreiding. De kleine en hete ruimte maakt het een broeikasje voor ongedierte (ondanks het goede schoonmaakwerk van het personeel) en zorgt ervoor dat het moeilijk is om de hygiëne te waarborgen. Niet alleen fysieke uitbreiding is nodig, ook gedreven en goed opgeleid personeel is nodig om de uitbreiding van de NICU tot een succes te maken. De toestroom van baby’s is hoog en zal naar verwachting alleen maar toenemen als de uitbreiding van de NICU gerealiseerd is.

Footer