Tag archief Blog

doorLSH

Blog: Sandra & Sebas in Sengerema Hospital, Tanzania (#3)

Het regent baby’s! In het Sengerema Hospital zijn per jaar gemiddeld 11.000 bevallingen, evenveel als jaarlijks in heel Amsterdam. De babysterfte is in Tanzania tien keer zo hoog als in Nederland. Na de opening van de NICU in 2015 is de babysterfte in het Sengerema Hospital met 40% gedaald in 2017. Betere training van het personeel in de opvang van pasgeboren baby’s, de mogelijkheid om (prematuur geboren) baby’s op te warmen in een incubator (houten couveuse), de mogelijkheid om bloedsuiker controles uit te voeren, D10% (dextrose) en antibiotica te geven, het herkennen van danger signs en de mogelijkheid om respiratoire ondersteuning te geven middels CPAP of een zuurstof-neusbril hebben hier zeker aan bijgedragen. De NICU is voor Tanzaniaanse begrippen een ontwikkelde afdeling, toch is het in de verste verte niet te vergelijken met de Nederlandse standaarden. De afdeling enorm toe aan de uitbreiding die in het verschiet ligt.

Veel baby’s worden hier prematuur en/of heel klein (1.0-2.0 kg) geboren. Ook worden veel kinderen geboren met ernstige asfyxie (zuurstoftekort bij de geboorte). Dit komt onder andere doordat veel vrouwen geen gebruik maken van antenatale zorg, maar ook door gebrek aan kennis en ervaring van medisch personeel. Met name in de dispensaries en health clinics (kleine zorginstellingen) in de omgeving van het Sengerema Hospital zijn er weinig mogelijkheden in geval van nood tijdens de bevalling of bij de opvang van pasgeboren baby’s. Ziekte van de moeder tijdens de zwangerschap (zoals malaria, SOA’s, HIV, tuberculose) of een slechte voedingstoestand van de moeder kan leiden tot vroeggeboorte, een te laag geboortegewicht of erger nog, het overlijden van de baby voor de geboorte (dat hier vaak voor komt).

Het Sengerema Hospital is een groot ziekenhuis waar, mede dankzij project NICU, personeel relatief goed geschoold is in de opvang van baby’s. De NICU biedt plaats voor de kleinste en ziekste kinderen. Dat zorgt voor een hoge aanloop van doorverwijzingen uit de dispensaries en health clinics, waar vaak basale zorg rondom de bevalling niet geboden kan worden. Met dat afgelegen wonen en de noodzaak om te reizen naar een kliniek kun je je voorstellen dat er heel wat baby’s onderweg geboren worden. Dat is hier dan ook een echt begrip. Er zijn voor de bevalling drie opties te noemen hier in het ziekenhuis: thuis geboren (1), in het ziekenhuis geboren (2) of onderweg geboren (3).

In de afgelopen weken zijn er veel baby’s overleden op de NICU. Zo was er een baby die in stuitligging werd geboren in een dispensary (kleine zorginstelling), dat leidde tot ernstig zuurstoftekort bij de geboorte. Hij werd doorverwezen naar de NICU, waar hij kwam te overlijden. Een andere moeder werd ook met haar pasgeboren baby doorverwezen naar de NICU, omdat de baby ademhalingsproblemen had na de geboorte. Toen ik de baby na aankomst in Sengerema onderzocht bleek zij al overleden te zijn. Dit zijn heftige situaties om mee te maken en ik vroeg me erg af wat er was gebeurd als er met de juiste middelen en expertise gehandeld had kunnen worden op het moment van de bevalling…

In algemene zin is soms moeilijk om te accepteren dat er hier in het ziekenhuis veel mensen overlijden aan vermijdbare dingen, ondanks dat ook hier sterftegevallen zijn die niet voorkomen hadden kunnen worden. Het komt regelmatig voor dat mensen (waaronder kinderen) overlijden door onder andere gebrek aan materialen, diagnostische mogelijkheden en medicijnen of doordat er in de hectiek iets wordt vergeten. Er zijn veel te weinig goed geschoolde artsen en verpleegkundigen in het ziekenhuis. Afgelopen week waren er bijvoorbeeld veel baby’s die zuurstof nodig hadden, maar er waren niet genoeg zuurstofmachines beschikbaar. Dan besef je hoe lastig het is dat je niet alle noodzakelijke middelen tot je beschikking hebt. Het voelt oneerlijk.

Er zijn gelukkig ook veel successen te vieren op de NICU. Zo is er een baby die, voordat ik in Sengerema was, werd geboren met een geboortegewicht van rond de 800 gram. Inmiddels gaat het goed met de baby en is het gewicht meer dan verdubbeld! De moeder had al vier miskramen gehad en dit was haar eerste levend – en veel te vroeg – geboren kind. Door de zorg die is geboden op de NICU heeft de baby een kans gekregen om te leven, een geschenk voor zowel moeder als kind. Dan zijn er nog de tientallen kinderen die dagelijks worden behandeld met antibiotica, waardoor zij infecties te boven kunnen komen en gezond weer met ontslag kunnen. Het is heerlijk om de dag door te brengen tussen deze prachtige baby’s.

Ik ben dankbaar dat ik met eigen ogen mag zien wat de resultaten zijn van de investering in de NICU door Stichting Vrienden Sengerema Hospital. Ondanks de dagelijkse uitdagingen, het moeten omgaan met de hoge werkdruk en hoge sterftecijfers, werkt het personeel zo goed als ze kan om de baby’s een eerlijke kans te geven. Ik ben trots dat we vanuit Little Superheroes de samenwerking zijn aangegaan met Stichting Vrienden Sengerema Hospital en hoop dat we op deze manier een bijdrage kunnen leveren aan betere zorg voor moeders en kinderen in Tanzania.

doorLSH

Blog: Sandra & Sebas in Sengerema Hospital, Tanzania (#2)

Terwijl Sandra vorige week al aan de slag ging in het ziekenhuis was mijn collega (Lesserian) in verband met werk in een andere stad. Dit gaf mij de kans om alle gegevens grondig door te nemen voor de start van mijn opdracht. Dat zijn nogal wat gegevens want het is een heel groot ziekenhuis met zeer veel afdelingen…

Voordat ik begon met de beschikbare financiële gegevens door te nemen, besloot ik te gaan rennen door de prachtige natuur in de omgeving om zo ook de buurt wat beter te leren kennen. De locals moeten wel gedacht hebben wat doet die mzungu hier, maar iedereen was aan het zwaaien en bijna alle kinderen renden – voor wat het leek – oneindig lang met mij mee. Waar ik ook keek, iedereen zwaaide uitbundig naar mij. Dat gaf een heel welkom gevoel. Gek genoeg deed het mij heel erg denken aan een paar weken terug toen we de Vierdaagse aan het lopen waren en daarmee geld inzamelden voor project NICU.

Afgelopen maandag kon ik mij om 08:00 melden bij het kantoor van Lesserian. We maakten kort kennis waarna hij mij door het ziekenhuis rondleidde. Ik ontmoette iedereen van de afdeling financiële administratie. Deze bestaat uit ongeveer 8 mensen, die zeker niet allemaal Engels spreken. Mijn Swahili is op dit moment nog niet al te best: Habari ya asubuhi? Nzuri sana? Na wewe? (Hoe gaat het deze ochtend? Het gaat zeer goed? Met jou?). Taal is een verbindende factor dus ik zal mij de komende weken, naast mijn opdracht, veel gaan verdiepen in het Swahili om gesprekjes te kunnen voeren.

Nadat ik de mensen van de financiële afdeling had ontmoet liepen we door het hele ziekenhuis. Lesserian vertelde mij over hoe het ziekenhuis gefinancierd wordt en wat de problemen hierin zijn. Zo zijn er exemptions voor betalingen. Onder andere zwangere vrouwen, kinderen onder de vijf en chronisch zieken moeten gratis behandeld worden. Hierdoor ontstaan er veel kosten voor het ziekenhuis waar geen opbrengsten tegenover staan. Doordat deze exemptions gelden voor een groot deel van de patiëntenpopulatie, staat het ziekenhuis constant onder financiële druk.

Nadat ik door tal van afdelingen was begeleid en zoveel mensen de hand had geschud dat ik niet iedereens naam meer weet, kwam ik uit bij de NICU. Maandag was de eerste dag dat Sandra daar was begonnen en ik zag haar meteen zitten. De NICU is een hele kleine ruimte met zes bedden tegen elkaar aan gezet, vier incubators (houten couveuses), een aantal CPAP-machines (laag invasieve beademing), zuurstofapparaten en nog een bureau. Overal hoor ik gepiep van de machines. Ik zie per bed zeker drie baby’s liggen met meerdere moeders er omheen (op een klein eenpersoonsbed), in de couveuses liggen soms twee of drie kinderen per couveuse. Het is benauwd. Sandra is bezig met de beoordeling van een patiëntje. Terwijl Lesserian mij uitlegt hoe de afdeling werkt en wat de plannen zijn voor de komende twee jaar zie ik Sandra druk bezig, ze kijkt niet op of om. Ik zou haar zo kunnen aanraken om gedag te zeggen maar ik vermoed dat dit patiëntje meer de aandacht kan gebruiken dan ik. Lesserian en ik lopen weer verder door het ziekenhuis.

Eenmaal terug in ons kantoor laat Lesse mij de financiële geldstromen zien. Hij stuurt mij nog meer bestanden en rapportages waar ik doorheen kan gaan met de vraag of ik suggesties ter verbetering heb. De komende tijd zal ik gebruiken om alle data door te gaan en zo veel mogelijk te helpen waar ik kan.

Footer